Jan 152013
 

KolkataSinds we in 2008/2009 Zuid-India bezochten, wilde ik altijd weer terug naar fascinerend India. Daarom gaan we nu een ander deel van India bezoeken, namelijk het weinig bezochte oosten en het wat toeristischere noord-westen. We vliegen via Dubai naar Kolkata (Calcutta), zoals altijd zonder enig plan en met heel weinig bagage. Onze reisverhalen komen zoals gebruikelijk hieronder.

Amsterdam-Dubai 21/1 14:40-00:10+1 EK148 Airbus A380
Dubai-Kolkata 22/1 03:00-08:40 EK570 Airbus A330-200
Kolkata-Dubai 28/2 20:30-00:30+1 EK573 Airbus A330-200
Dubai-Amsterdam 1/3 08:20-12:40 EK147 Airbus A380

Lonely Planet info
Emirates
APNchangeR – India
AirTel SIM-kaart kopen

Feb 282013
 

We hadden een prettige vlucht van Delhi naar Kolkata. We konden meteen in de bus van de luchthaven naar het centrum stappen. Zelfs op zondagavond kost het de bus een uur om de ruim 10 kilometer naar Esplanade (metro- en busstation) te rijden (40 roepies p.p. ~55 eurocent).

We sliepen in hetzelfde hotel Pioneer International als de eerste dagen van onze reis, maar voor een veel scherpere prijs in een betere kamer. Sommige treden van de krakende houten trap zitten nog steeds los. ‘s Ochtends werden we wakker van het gekoer van de duiven die op het afdakje van de niet meer werkende airco zaten.

De temperatuur is nu veel hoger dan een maand geleden: 32 a 34 graden. ‘s Nachts koelt het gelukkig af naar zo’n 16 graden. Het is fijn om nog even in de warmte te zijn!

Ik vind Kolkata een prettige stad. De stad heeft een enigszins provinciaal karakter en is niet zo hectisch als Delhi. Vaak zijn er stoepen waarop je kunt lopen. De vele oude, vervallen gebouwen, waarop vaak struiken groeien, hebben iets romantisch. Het is leuk om op straat thee te drinken uit een terracotta wegwerpkopje. Een apart verschijnsel zijn de rickshaws die door vaak magere mannen op blote voeten worden getrokken. Meestal lopend, maar soms ook rennend. Ze zijn heel arm, ze huren het wagentje en slapen ‘s nachts op straat. Zelfs het vele toeteren van het verkeer is meestal dragelijk. Apart is de brandweerauto die als geluidssignaal een bel heeft, die met de hand wordt bediend. Ongeletterden kunnen op straat een brief laten typen. Overal rijden oude, gele Ambassador taxi’s. Hier en daar kaarten mannen op een kleed op straat. Er zijn relatief veel bedelaars, soms met misvormde of missende ledematen. Aan de rand van de straat scheiden mensen papier, plastic en glas dat in grote, witte plastic zakken gaat. Je kunt overal op straat voor een habbekrats eten, wat we voor onze gezondheid meestal maar laten. Hier en daar wordt met een handbediende pers suikerriet uitgeperst. De oude, knarsende, ijzeren tram lijkt een beetje op een tank. De gekste dingen worden vervoerd door rickshaws of op de fiets, zoals twee volle melkbussen. Boeren na de maaltijd is hier vrij normaal, net als rochelen en fluimen op straat.

Voor het hotel is er een handbediende waterpomp, waar mannen in een boxershort zich met veel zeep grondig wassen. We gaven de shampootjes die we in een hotel kregen weg. Vanochtend was er iemand bezig om een waterzak te vullen. Bijzonder was dat de donkerbruine waterzak gemaakt was van de huid van een geit of schaap. De pootjes waren nog dichtgeknoopt zichtbaar.

We bezochten het waarschijnlijk grootste stadspark ter wereld, the Maidan. Veel jongens spelen cricket op het nu wat dorre gras. We zagen het bekende Victoria Memorial (1906-1921). Ook bezochten we de grote New Market, eigenlijk een hele wijk, waar je van alles kunt kopen, zoals kruiden, huishoudelijke artikelen en kippen voor de slacht. Hier word je erg vaak lastig gevallen door zogenaamde gidsen, die alleen uit zijn op de commissie van het winkeltje waar ze je heen willen brengen. We kochten kleine cadeautjes voor de buren die op ons huis hebben gepast.

Omdat onze dompelaar het na een maand trouwe dienst met een kleine steekvlam af liet weten, gingen we op zoek naar een nieuwe. Volgens de wet van Murphy konden we die natuurlijk niet vinden. Gelukkig vond ik er uiteindelijk één in de avond, toen ik wat bananen ging kopen. Er moesten er van twee één gemaakt worden. Thuis ga ik er een beter snoertje aanzetten, zodat we de dompelaar tijdens onze volgende reis veiliger kunnen gebruiken. Het huidige snoertje wordt warm, omdat de draden te dun zijn voor de 500 watt die de kleine dompelaar gebruikt.

Ik waste onze kleren, zodat we schoon terug kunnen vliegen naar Nederland. Handig is dat in vrijwel elke hotelkamer een emmer is. Ik was onze kleren altijd met de kleine zeepjes, die we af en toe krijgen in een hotel. Toiletpapier krijg je heel soms in een wat beter hotel en dan vrijwel altijd in de vorm van kleine rolletjes. Buiten de toeristische plaatsen is het moeilijk verkrijgbaar, dus we zorgen altijd dat we een voorraadje hebben. Anders is er altijd een kraantje en een kannetje bij de WC. Dit is overigens de reden waarom de lokale bevolking altijd met de rechterhand eet (zonder bestek, dat is alleen voor de toeristen). Alleen in de wat betere hotels krijg je een handdoek, daarom hebben we altijd een klein sporthanddoekje bij ons. Het beddegoed is meestal redelijk schoon, maar voor het geval dat kun je beter een lakenzak bij je hebben.

In totaal bezochten we dit jaar zes staten: achtereenvolgens West-Bengalen, Jharkhand, Bihar, Uttar Pradesh, Rajasthan en Delhi. In 2008 bezochten we vier staten: Kerala, Tamil Nadu, Andhra Pradesh en Karnataka. Het toerisme, en daarmee de voorzieningen, zijn goed ontwikkeld in Rajasthan. De andere staten, met name Bihar, Jharkhand en West-Bengalen, zijn veel primitiever, maar daarom niet minder interessant. In mijn beleving was het reizen in Zuid-India makkelijker en het eten lekkerder. In Noord-India reis je hoofdzakelijk met de trein, in Zuid-India hoofdzakelijk met soms overvolle bussen.

Vanavond vliegen we na 5,5 week weer naar huis. Helaas moeten we zo’n acht uur midden in de nacht wachten in Dubai. Gelukkig vliegen we naar Amsterdam in één van de meest luxueuze passagiersvliegtuigen, een Airbus A380. Het is het grootste passagiersvliegtuig ter wereld. Er is zelfs internet aan boord tegen betaling van een klein bedrag (5 MB voor $2,75 en 30MB voor $10). We ontmoetten een man in een restaurantje die op Schiphol werkt en speciaal bij Emirates had geboekt om in dit vliegtuig te kunnen vliegen.

Voor degenen die een reis plannen naar India: wij hebben samen minder dan 25 euro per dag uitgegeven, inclusief alles, behalve de vlucht van Delhi naar Kolkata (80 euro p.p.).

Feb 242013
 

We namen de 22471 naar Delhi (268 km; ruim 5 uur), dezelfde zanderige trein als waarmee we vanuit Bikaner naar Churu reisden. We hadden beiden voor de helft van de reis een bank voor onszelf in de sleeper-klasse (samen 360 roepies ~ 5 euro). Onderweg zagen we mooie vogels in de Thar-woestijn. Tijdens een eerdere treinreis naar Bikaner zag ik een aantal antilopes.

We besloten om maar niet uit te stappen in Delhi Cantonment, omdat het te afgelegen was. Langs het spoor zijn daar grote sloppenwijken. We stapten uit in Delhi Sarai Rohilla, het eindpunt van de trein en de enige andere optie. We vonden twee hotels, maar besloten eerst te eten en daarna te kiezen. We lieten ons met een rickshaw naar het dichtstbijzijnde metrostation brengen (Shastri Nagar). We reisden in een comfortabele metro met airconditioning naar station Chawri Bazaar. We liepen zeker een uur in het donker langs de bazaars voor we een geschikt hotel vonden (hotel Diamond Palace, helaas aan een drukke straat bij een markt).

We sliepen onrustig door de herrie. ‘s Nachts stortregende het, zodat het overdag fris en niet zo stoffig was. De volgende dag verhuisden we naar het schone en rustiger hotel Amax Inn (Arakashan Road No. 8145/6), dat goed bekendstaat. We aten zo’n beetje de lekkerste thali in een restaurantje een stukje verderop, dat zijn naam, Best of Delhi restaurant, eer aandoet.

We hadden een goed werkende televisie met internationale kanalen. We keken de matige film Deep Blue Sea op HBO, omdat we geen zin in de drukte van Delhi hadden.

In 2011 telde Delhi zonder buitengebieden 16,3 miljoen inwoners en is daarmee de achtste op de lijst van wereldsteden met de meeste inwoners.

Vanmiddag vliegen we met Air India terug naar Kolkata (AI-20; 14:30; A330-200), een vlucht van 2 uur en 15 minuten. Het kost tien keer zoveel als de trein, maar het is ook tien keer zo snel (de trein doet er ca. 24 uur over). We laten ons met de taxi brengen, want dat kost maar weinig meer dan een rickshaw naar het dichtstbijzijnde metrostation (New Delhi) en daarna met de metro naar de luchthaven en het is veel comfortabeler.

Feb 242013
 

Ray Cusick, de bedenker van de Daleks van de serie Doctor Who, is overleden op 21 februari. Hij heeft de 50ste verjaardag van de serie, die ik al in mijn jeugd keek, niet mee kunnen maken. Dit jaar zendt de BBC nog een reeks nieuwe afleveringen uit, inclusief een speciale aflevering ter gelegenheid van de 50ste verjaardag.

Feb 222013
 

Keurig op tijd arriveerden we met een rustige trein in het stadje Churu (Rajasthani: चूरु), de hoofdstad van het gelijknamig district. Het ligt in de 200.000 km2 grote Thar-woestijn, een gebied vol met Khejri-bomen. Hier komen geen toeristen, wat duidelijk te merken is aan de vele mensen die je nastaren. Onderhandelen over de prijs van een rickshaw (tuk-tuk) is niet nodig, het kost gewoon wat het kost (7 roepies p.p. ~ 10 cent). Zelfs een fooi wordt niet geaccepteerd.

Er zijn ook geen bedelaars in Churu, wat bevestigt wat een Indiase man vertelde: bedelaars hebben een makkelijk leven. Vaak is bedelen ook georganiseerd, waarbij de bedelaars een deel van hun opbrengst moeten afdragen om ergens te mogen bedelen.

We verbleven in hotel Rathore in een mooie, schone kamer met een zacht bed (ongebruikelijk in India). Teleurstellend was dat het warme water ondanks de toezegging niet werkte (gebruikelijk in India). We aten een heerlijke thali in hotel Natraj, één van de weinige andere hotels in de stad, waar we de tweede nacht verbleven.

Churu was veel interessanter dan verwacht. Het fort stelt niet zoveel voor, maar er zijn veel mooie oude huizen met prachtige muurschilderingen. Omdat we nieuwsgierig rondkeken, mochten we zelfs bij een familie binnen kijken. Hun huis was een klein paleisje! We werden naar Maalji Ka Kamra gestuurd, wat helemaal een verrassing was. Het is een haveli, die gerestaureerd is en nu een luxe hotel en restaurant is. Als je als een vorst wilt overnachten, dan is dit de plaats. We kregen een uitgebreide rondleiding.

In het stadje zie je veel wagentjes met kleine ezeltjes die vaak onmogelijk grote pakken vervoeren.

Af en toe kopen we een reepje chocola (Cadbury), dat we eten bij de thee die we in onze hotelkamer zetten met de kleine, maar snelle dompelaar die we in Kolkata kochten. We hebben niet altijd zin in de zoete Indiase thee met melk en vellen, hoewel de met cardamom en/of gember gekruide thee heel lekker kan zijn. Je kunt het overal op straat krijgen, maar de Keuringsdienst van Waren (het heet nu anders) zou er geen goed woord voor overhebben …

Ik liet mijn haar knippen voor een paar dubbeltjes en kreeg er een hoofd- en nekmassage met bonken op mijn hoofd en klappen met de handen bij. In India is alles mogelijk …

Het was warm en stoffig in Churu. ‘s Avonds was er een onweersbui, waaraan een flinke stofstorm vooraf ging.

Tijdens ons verblijf in Churu was er een staking in India van zo’n 100 miljoen mensen, vanwege de alsmaar stijgende prijzen. Naar ons idee zijn de prijzen t.o.v. vijf jaar geleden verdubbeld. Voor ons is alles nog steeds heel goedkoop, maar voor de armste mensen dreigen veel dingen onbetaalbaar te worden. Het lijkt erop dat de staking geen invloed heeft op de trein die we naar Delhi (Cantonment) willen nemen.

Feb 212013
 

Ik ben erg benieuwd naar Ubuntu for phones (Ubuntu Touch). Vandaag zal er een preview versie voor een aantal Nexus toestellen worden vrijgegeven. De verwachting is dat er snel versies voor andere toestellen van afgeleid zullen worden. Ik ga proberen om Ubuntu for phones werkend te krijgen voor mijn trouwe Sony Ericsson Xperia Pro en Mini Pro.

De gebruikersinterface zal revolutionair anders zijn dan we gewend zijn van de andere besturingssystemen. De snelheid zou hoog moeten zijn, omdat er geen gebruik gemaakt wordt van geïnterpreteerde talen, zoals Java. Door het docken van het toestel zou het mogelijk moeten zijn om een volledige Ubuntu desktop versie vanaf het toestel te gebruiken.

Update: Ubuntu Touch blijkt gebaseerd te zijn op CyanogenMod 10.1. De preview versie is een alpha versie, waar nog veel aan moet gebeuren. Ik ben benieuwd hoe één en ander zich gaat ontwikkelen in het komende halfjaar.

Feb 202013
 

Het was niet druk in de trein, dus we hadden veel ruimte. Het landschap was prettig groen en er waren veel karakteristieke Khejri-bomen. Langzaam werd het meer woestijnachtig. De trein had deze keer weinig vertraging, dus we hoefden niet te wachten en we kwamen halverwege de middag slechts een uurtje te laat aan.

We aten een mooie en lekkere masala dosa in het schone Heeralal’s, waar we verder al onze maaltijden genoten. We sliepen dichtbij het treinstation en niet ver van de oude stad in het statige hotel Marudhar Heritage. We werden ‘s ochtends vroeg wakker van de rook van het houtvuur, waarmee het water werd opgewarmd. We hadden vorig jaar dezelfde ervaring in een Turks hotel in Izmir. We hebben nu om een andere kamer gevraagd om herhaling te voorkomen.

Met een trein reisden we in de laagste klasse (ongereserveerd) in zo’n drie kwartier naar het plaatsje Desnoke, zo’n 30 kilometer ten zuiden van Bikaner. Daar is de Karni Mata tempel, beter bekend als de rattentempel. Het is zelfs voor Indiase begrippen een buitengewone plaats, als je niet bang bent voor ratten (kabas), want er zijn er duizenden. We mochten er op onze blote voeten vrij rondlopen. We mochten alleen niet in de hoofdtempel in het midden komen (alleen voor hindoes). Er liepen verschillende ratten over mijn voeten, hetgeen geluk schijnt te brengen. Er ligt overal voer (graan?korrels) en er staan overal bakken met water en/of melk. Het voer is soms ongemakkelijk onder je voeten. Ook de duiven komen eropaf, ondanks dat er netten gespannen zijn.

Het verhaal is dat Yama (de god van de dood) in de 14de eeuw een verzoek van Karni Mata (een incarnatie van Durga) weigerde om haar verdronken zoon Lakhan weer tot leven te wekken. Karni Mata liet daarom al haar familieleden reïncarneren als kabas (ratten), die later weer als haar familieleden zouden terugkeren.

Bij de tempel ontmoetten we een Duits paar. We konden meerijden richting Bikaner (ze hadden een grote auto met chauffeur gehuurd). Dit bespaarde ons het wachten op de trein of het zoeken van een bus terug. Onderweg bezochten we nog het buiten de stad gelegen onderzoekscentrum / dromedarisfokkerij. Het was erg leuk om een kleine dromedaris te zien die melk uit een fles kreeg! We werden aan de rand van de stad afgezet en reisden voor een paar roepies in een gedeelde rickshaw op de voorbank naast de chauffeur naar het fort van Bikaner. Na het nemen van wat foto’s reisden we de laatste kilometer naar de achterkant van het treinstation. Voor een paar dubbeltjes lopen we liever niet tussen het drukke verkeer.

We kochten in een supermarkt een extra rugzak om de spullen die we gekocht hebben (o.a. een Tibetaanse klankschaal en dekens voor in de trein of vuile hotels) in te kunnen checken in het vliegtuig.

Vandaag reizen we met de trein naar Churu, een stukje op weg naar Delhi. Dit stelt ons in staat om nog een andere plaats te zien en verkort de reis naar Delhi met een uur of drie (181 km).

We hoorden al vaak: “In India is alles mogelijk, zelfs het onmogelijke” (everything is possible, even the impossible)

Feb 182013
 

De trein had deze keer maar liefst vier uur vertraging, maar dat werd goedgemaakt door het prachtige landschap met duizenden Khejri-bomen (prosopis cineraria). Deze boom is bestand tegen vorst en langdurige droogte en alle delen van de boom kunnen nuttig worden gebruikt. Nu hij kaal is, lijkt hij een beetje op de Baobab (apenbroodboom).

Voor vertrek naar Jodhpur boekten we al een trein van Jodphur naar Bikaner, omdat we anders geen plaats zouden hebben (278 km; 5,5 uur). We aten romige knoflooksoep in een luxe restaurant om rustig (zonder herrie en gezeur) te kunnen wachten op de vertraagde trein.

Onderweg passeerden we het zoutmeer Sambhar, waarin de wolken mooi spiegelden. Overal waren mensen bezig met de diverse stappen voor het winnen van zout. Het is leuk om met de voortdurend toeterende trein in een lagere klasse te reizen, omdat je dan de gewone mensen ontmoet. Je moet wel tegen staren kunnen, want de meesten zijn geen toeristen gewend. Onderweg hadden we onweer, dus alle gammele ramen werden snel dichtgedaan. Niettemin lekte het water toch door de kieren. Gelukkig hadden we een hele bank voor onszelf (we hadden twee slaapplaatsen gereserveerd), dus we hoefden niet dichtbij het raam te zitten.

Ook in Jodhpur had het geregend, hetgeen weinig voorkomt, dus het was vrij fris. Rajasthan is echter normaal gesproken droog en warm (‘s zomers tegen de 50 graden; de winkels sluiten dan). Volgende week is het hier weer boven de 35 graden, nu is het heel aangenaam.

We sliepen in een prachtige kamer, de mooiste tot nog toe (guesthouse Ganpati). Jammer genoeg was er alleen net niet lauw water, dus hebben we toch een andere overnachtingsplaats gezocht en gevonden (guesthouse Laxmi Niwas). Het is gevestigd in een prachtig oud gebouw dat duidelijk een geschiedenis heeft. Dat de bedden hard en onregelmatig zijn, nemen we voor lief. Vanaf het balkon hebben we uitzicht op een groot tempelcomplex. Warm water is er in overvloed, want er hangt een grote, wat roestige boiler.

Jodhpur is een heel prettige, bezienswaardige stad. We verblijven in het gebied ten noorden van de Sardar markt, met zijn kenmerkende kloktoren, die echt luidt. Veel gebouwen zijn lavendelblauw geverfd. Het grote fort, Mehrangarh, is prominent 120 meter boven de stad aanwezig. We gaan het niet bezoeken, want we hebben er al zoveel gezien.

Vanwege de lage temperatuur wilde ik niet eten op een dakrestaurant. Helaas is er geen fatsoenlijk restaurant aan de straat te vinden, dus uiteindelijk aten we op het enigszins beschutte dak van guesthouse Sunshine. De kok is goed, schoon en aardig, maar je moet wel geduld hebben tot je maaltijd wordt geserveerd. In de avond ontmoetten we aan aantal jonge mensen die elkaar ook ontmoet hadden. Sommige dronken Lassi ‘special’, wat in dit geval (licht) verdovende middelen betekende. Één van hen is er ziek van geworden.

We kochten een erg mooie wollen sjaal voor weinig geld. We roken aan de vele kruiden en theeën die hier worden verkocht en we dronken de beroemde Makhaniya lassi (“saffraan lassi”) in hét hotel (restaurant) Mishrilal in de zuid-poort van de markt. ‘s Avonds liepen we over de verlaten markt, tussen tientallen koeien die de resten van de groentemarkt aan het eten waren. De mest/modder ligt hier soms dik op de ongelijke straatjes.

Voor het uitzicht op de blauwe stad gingen we omhoog naar het prominent aanwezige fort. We ontdekten dat er voor het fort aan de zijde van de stad een pad was, dat we volgden tot aan het andere einde van het fort. Daar ontdekten we een prachtige tempel, met aan twee zijden een prachtig uitzicht. De vriendelijke, jonge bewaker van de tempel leidde ons met plezier rond. We gingen weer naar beneden en terug door allerlei leuke steegjes. We aten samen met de wat vreemde 58-jarige Oost-Duitser die we eerder hadden ontmoet. Hij is gescheiden, ziek (dikkedarmkanker) en naar eigen zeggen “herboren”. Het restaurant dat we eerder in de middag bezochten, was erg goed. De kok was een schone, jonge jongen.

We moesten nog wachten op de trein, dus we liepen wat rond. We kochten een heerlijk ontbijt, papad met dal en rode ui, en zagen een bruiloft met muziek, koets en kamelen. Op het station spraken we nog met twee wat meer ontwikkelde jongens. De sterk groeiende moslimgemeenschap is vaak een onderwerp van een gesprek. Volgens de Hindoes zijn ze vaak niet eerlijk en niet zo schoon.

Feb 152013
 

De luxe trein van Agra naar Jaipur kwam ruim voor de geplande tijd aan, dat hebben we nog nooit meegemaakt in India! (241 km in ca. 3 uur) We vonden zelfs een auto-rickshaw die gewoon een normale prijs vroeg. Het was nog vroeg genoeg om te eten, dus dat hebben we gedaan voordat we onderdak gingen zoeken (dit heeft altijd onze voorkeur, omdat je dan betere keuzes maakt). We aten in hotel Mohan, wat later een aanbevolen adres bleek te zijn. We vonden ook snel een prettige overnachtingsplek in het vriendelijke guesthouse Comfort, “A Home Away From Home”. We proberen zoveel mogelijk de adressen in de reisgids te vermijden. Na vermelding holt de kwaliteit vaak achteruit en gaat de prijs flink omhoog. We lieten ons naar een driesterren hotel in de buurt brengen, dan heb je geen last van auto-rickshaws die je naar een hotel willen brengen waar ze veel commissie krijgen.

De volgende dag verkenden we een deel van de oude stad, “pink city” (roze stad), maar door de drukte en het voortdurende “hello, hello” waren we dit na een poosje wel zat. De oude stad is eigenlijk één grote bazaar, waar vooral allerlei handwerken, onder andere textiel, worden verkocht. Het toeristische City Palace hebben we overgeslagen. Als je al jaren reist, word je steeds kieskeuriger wat je wel en niet wilt zien. Een interessant gesprek met een man in een simpele tempel, zoals we ‘s middags hadden, is mij meer waard.

De volgende dag ontmoetten we bij het ontbijt een jong Frans stel, Guillaume (28) en Barbara. We zijn samen naar Galta, de apentempel, gegaan aan de oostelijke rand van de stad. We volgden het pad naar boven, beneden en weer naar boven. Overal zijn leuke aapjes. Je kunt ze beter niet voeren, want dan worden ze lastig, hoewel het wel goed voor je karma schijnt te zijn. Halverwege zagen we enkele tientallen kleine pakezeltjes die werden gedrenkt. We bezochten de Vishnu/Ganesha-tempel nabij het heilige water dat uit een beeld van een koeiekop sijpelt en een klein kunstmatig meertje vormt, waar hindoes komen baden. Hoewel het een kleine tempel is, is het de belangrijkste van de stad. Daarna bezochten we de apentempel een stukje lager. Hier wordt Hanuman aanbeden. Het is een prachtige, sfeervolle plaats. Het is ook een oase van rust ten opzichte van de drukke stad die slecht twee kilometer ver weg is. We liepen door de verlaten gangen en kamers van de tempel, wat achteraf niet mocht. Er zijn allerlei schitterende muur- en plafondschilderingen. We hadden geluk ze te zien! Op de terugweg bezochten we nog de tempel van de zon, waar er een mooi uitzicht op de stad is.

Na het eten en het drinken van thee namen we afscheid van Guillaume en Barbara. Zij reizen naar het zuiden, wij verder naar het oosten (Jodhpur en daarna Bikaner is het plan).

Vandaag reizen we met de trein naar Jodhpur in het oosten van Rajasthan (313 km, hopelijk 5,5 uur en niet meer).

Taj Mahal

 2013 Noord-India, Reizen  Comments Off
Feb 122013
 

We zagen de Taj Mahal, volgens velen het mooiste gebouw ter wereld, al in de ochtend en de avond, vanaf een dakterras, vanuit het fort en wandelend langs de rivier. ‘s Ochtends is het steeds nevelig, dus we hebben ons de moeite bespaard om vroeg op te staan om de Taj Mahal met zonsopgang te bekijken, ook al zou de Taj Mahal dan op zijn mooist zijn. In plaats daarvan bezochten we de Taj Mahal later in de middag met een redelijk heldere lucht (smog is hier een doorlopend probleem). Het is een mausoleum dat Shah Jahan liet bouwen vanwege het overlijden van zijn tweede vrouw, Mumtaz Mahal. Het bouwen begon in 1631 en duurde ongeveer 22 jaar. Het grootste gedeelte van het hoofdgebouw is van wit marmer. Er werkten ongeveer 20.000 mensen aan.

Je mag naar binnen zonder schoenen of met een hoesje om je schoenen. Binnen is het donker er is er een indringende geur van zweetvoeten. Overal staan borden dat je stil moet zijn, maar dat wordt volledig genegeerd. De wachters fluiten met een hard fluitje om de mensen te corrigeren. Van buiten is het gebouw aantrekkelijker dan van binnen.

We aten heerlijk bij het uiterst schone Zee café. De eigenaar heeft in diverse landen in Europa gewerkt en stak de draak met de mafheid van zijn eigen land.

We bezochten het gebied rond de westelijke poort. Op een vuilnisbelt lagen duizenden gebruikte schoenenhoesjes. Bij de rivier hadden we op een rustige plaats nog een aardig uitzicht op de Taj Mahal.

Vandaag reizen we met de trein door naar Jaipur in Rajasthan, ditmaal in een wat luxere klasse: AC Chair Car (CC). We kochten ook een treinticket van Jaipur naar Jodhpur op 15 februari in de sleeper class (SL).

Agra fort

 2013 Noord-India, Reizen  Comments Off
Feb 112013
 

Voor de verandering vertrok de trein op tijd, alleen jammer dat de trein in het laatste uur een vertraging opliep van anderhalf uur. De banken waren dit keer niet erg hard, hoewel we wel in de goedkope ‘second seating’ (2S) klasse reisden (240 roepies ofwel ca. 3,5 euro samen voor 330 km / 5,5 uur op een gereserveerde plaats). In betere klasses konden we, zoals zo vaak, niet meer reserveren.

Het was middernacht voordat we een hotel hadden geregeld (wat altijd weer een hele papierwinkel is). Overal was het donker, omdat de stroom was uitgevallen. Hier en daar hoorden we het harde geluid van een tuffende generator van een hotel.

De volgende ochtend aten we op het dak van het hotel met uitzicht op de Taj Mahal. Het hotel (Shanti) beviel ons niet zo, de kamer was niet zo groot en vrij donker. We verhuisden daarom naar het aangenamere en vriendelijkere hotel Raj een stukje voor de zuidpoort van de Taj Mahal.

We bezochten met een rickshaw het enorme Agra fort dat gebouwd werd door de Mughal van rood zandsteen en wit marmer vanaf 1565. Op één plaats is nog een decoratie van bladgoud zichtbaar. Het fort heeft een omtrek van 2,5 kilometer! We wandelden op ons gemak over de grote binnenplaatsen van het fort. We voerden een paar eekhoorntjes met wat pinda’s. Vanuit het fort is er een mooi uitzicht op de Taj Mahal en de Yamuna-rivier beneden.

Het lukte om online (via cleartrip.com) een vliegticket van New Delhi naar Kolkata te regelen voor 24 februari (met Air India). Nadeel is dat we naar het drukke, chaotische New Delhi moeten, maar het grote voordeel is dat we niet helemaal terug hoeven te reizen naar Kolkata en daarom de gelegenheid hebben om Rajasthan te bezoeken. Het online boeken van treintickets is mij ondanks diverse pogingen nog steeds niet gelukt, dus we moeten nog steeds in de lange rijen op het station staan (hoewel er soms een speciaal loket voor toeristen is).

Lucknow

 2013 Noord-India, Reizen  Comments Off
Feb 092013
 

De Indiase spoorwegen kunnen nog wat van de Nederlandse spoorwegen leren, onze trein was maar liefst 3,5 uur vertraagd, zodat we vrij laat in Lucknow (Uttar Pradesh) aankwamen (200 km; ruim vier uur). Om de tijd te doden keken we een aflevering van Haven op mijn Sony Ericsson Xperia Pro smartphone met CyanogenMod.

Het kostte wat moeite om een hotel te vinden. Ook hier is een wet van kracht geworden die hotels verplicht om zich te registreren om buitenlanders te mogen laten overnachten. Helaas doen slechts enkele hotels dit. Het hotel waar we uiteindelijk om middernacht waren, was gehorig en de bedden waren erg hard (de bedden zijn hier altijd hard, maar dit was te hard).

Na het ontbijt zochten we een ander hotel. We kozen na enige omzwervingen het wat luxere hotel Vishwanath, met een ruime, schone kamer en lekkere zachte bedden (voor Indiase begrippen). We hadden de ramen opengezet vanwege de geur van mottenballen. Het duurde niet lang voordat er een aapje naar binnen keek met een roti in zijn handjes! We hebben het raam maar weer dichtgedaan. Na het wegkrabben van de kalk van de douchekop met de sleutel van de kamer, kon ik ‘s ochtends lekker warm douchen.

We lieten ons met een fietsrickshaw naar het bekende Tunday Kabab in de oude wijk Aminabad brengen, met zijn vele kleine, sfeervolle steegjes. Uiteraard wilde de chauffeur meer geld hebben dan afgesproken, maar dat weten we inmiddels wel. Er zijn hier veel mooie koloniale gebouwen, die ‘onverklaarbaar bewoond’ zijn. De staat is vrijwel altijd heel slecht, maar juist daarom heeft deze stad iets aantrekkelijks. We vonden een beschermde moskee met de naam Maqbara Alia (verder geen informatie). Er was niemand, dus we verkenden het verlaten gebouw alleen. We konden zelfs het dak via een half vergane trap bereiken. Het was een leuk avontuurtje.

We aten in een goed restaurant Chowmein en bestelden ook ‘Spl Kesar & Pista Badam Kulfi‘ als toetje, omdat we af en toe gewoon wat proberen. Het bleek een hard soort ijs met pistachenootjes te zijn en best lekker. Het is soms best moeilijk om een goed restaurant te vinden. Eten kun je hier overal, maar je kunt hier ook overal ziek worden.

We zijn er aan gewend en het is zeker niet de eerste keer dat we het meemaken, maar op straat is het een enorme drukte. Het verkeer, voetgangers, fietsers, brommers, rickshaws, auto’s en bussen, gaat hier kriskras en rakelings langs elkaar over straat. Overwegend links, maar als het zo uitkomt ook zomaar rechts. Het beste kun je maar ontspannen meebewegen en geen onverwachte bewegingen maken, dan gaat alles goed.

Het boeken van een treinticket ging dit keer iets makkelijker. De rij met creditcard-betalingen was relatief kort en ik was nog eerder aan de beurt dan Hanneke die in de rij voor vrouwen stond. We hebben gisteren ook dekentjes gekocht voor het geval de stoelen hard zijn (dat varieert) of voor als het koud is. Later kunnen we ze ook in de sleeper class gebruiken als we terug gaan reizen naar Kolkata. De treinreis naar Agra is de langste tot nog toe: 330 km, bijna 6 uur.

Feb 072013
 

Het was wel een beetje schrikken om na drie uur met de bus (ca. 120 km) aan te komen in Allahabad. Miljoenen mensen overnachten hier in enorme tentenkampen bij de rivier vanwege de Kumbh Mela (een religieus festival). Bij de vorige, minder belangrijke Mela waren er 70 miljoen bezoekers, dit jaar worden er maar liefst 110-120 miljoen mensen verwacht! Het is veruit het grootste festival ter wereld.

We waren blij dat we een fatsoenlijk hotel (hotel UR) vonden voor een acceptabele prijs, want verder reizen was niet echt een optie. Royal Hotel vroeg een belachelijke prijs voor een eenvoudige kamer. Zoals zo vaak slaapt het personeel van het hotel met een paar dekens op de harde grond. Bij wat betere hotels wordt er ‘s ochtends een krant onder de deur doorgeschoven. Als je geluk hebt in het Engels (ditmaal hadden we ‘The Times of India’). De krant staat deze dagen vol met verkrachtingen. Een 14-jarig meisje verkrachten en wurgen leidt binnen vijf weken tot de doodstraf.

Na het eten van een heerlijke dosa, hebben we maar gelijk plaatsen in de trein naar Lucknow geboekt (volgens Disha waren er nog maar vijf). We hebben stoelen in de wat luxere AC Chair Car (klasse CC). Het treinstation is het grootste dat ik ooit heb gezien. Het was een hele wandeling naar het hoofdgebouw aan de andere kant van het station, over loopbruggen die niet alle sporen met elkaar verbinden. Er waren veel, heel veel mensen in allerlei verschillende klederdrachten.

‘s Avonds at ik voor de verandering een chowmein, hartige noedels met groenten. Voor het eerst na de voedselvergiftiging, waarschijnlijk Gardiasis, smaakt het mij weer goed!

‘s Nachts had het geregend, dus ‘s ochtends was de lucht lekker fris, eindelijk eens zonder al het stof van de straten.

Varanasi is de laatste plaats die staat in de reisgids die we hadden meegenomen (een Rough Guide voor het noordoosten). We zijn nu dus aangewezen op een elektronische Lonely Planet die ik op mijn smartphone heb staan. Het bladert minder lekker dan in een papieren boek en er is alleen een index van de hoofdstukken (grofweg per staat). Dit mag Lonely Planet wel verbeteren als ze meer elektronische gidsen willen verkopen. We zijn overigens niet zo’n fan meer van de Lonely Planet gidsen, maar voor India is het gewoon de beste reisgids.

Feb 062013
 

De trein naar Sasaram was zelfs voor Indiase begrippen laat. We waren dus voor niets heel vroeg opgestaan. Ook omdat ik mij door een voedselvergiftiging niet zo lekker voelde, hebben we de trein geannuleerd (dat kan hier kosteloos bij meer dan drie uur vertraging) en de trein naar Varanasi de volgende dag, nog vroeger, geboekt (220 km; ruim 4 uur). Gelukkig waren er nog enkele bedden in de ‘sleeper’ klasse (SL), maar niet meer bij elkaar (maar wel in dezelfde wagon). De spoorwegen vervoeren hier per dag ongeveer net zoveel mensen als alle inwoners van Nederland!

Na een dagje rust ging het gelukkig wat beter. Het kostte enige moeite om te weten te komen waar onze wagon zich bevond. Aangezien de treinen heel lang zijn en soms maar kort stoppen, is dat zinvol om van tevoren te weten. We hadden er alleen niet op gerekend dat de trein van de andere kant kwam dan de voorgaande. Uiteraard moesten we mensen van onze gereserveerde plaatsen wegjagen. Geen probleem, want ondanks dat hier alles ongeorganiseerd is, zijn de mensen erg gevoelig voor officiële papieren, zoals een treinkaartje, en autoriteit. De trein ging netjes op tijd weg en kwam maar ietsje te laat aan. Leuk was dat we met daglicht de Ganges over een grote ijzeren spoorbrug overstaken.

We lieten ons door een autorickshaw naar Assi gath, de rustigste en laatste gath brengen. Na een stukje stroomafwaarts lopen, kozen we Shanti rest house bij Hanuman gath als overnachtingsplaats. De kamer is eenvoudig, maar prettig. We hadden uitzicht op de sfeervolle, ‘s ochtends vaak mistige Ganges. Jammer dat er ‘s nachts veel rook naar binnen kwam. De volgende nacht sliepen we dan ook in een kamer wat verder naar achteren. ‘s Ochtend werden we wakker van de bellen van de tempels, die hier om de zoveel meter langs de Ganges liggen.

Stel je bij Varanasi een middeleeuwse stad voor, waar het vee losloopt en voeg daar veel toeterende en bellende (brom)fietsen en, waar de straten breed genoeg zijn, fiets- en autorickshaws (tuk-tuks) aan toe. Vrijwel alle gebouwen zijn slecht onderhouden. De straatstenen liggen vaak los en je moet uitkijken dat je niet in een koeienvlaai stapt. Op sommige plekken liggen pannekoekjes koeienvlaai te drogen, waarschijnlijk als brandstof.

Als toerist word je hier continu lastiggevallen: “how are you?“, “where are you from?“, “what is your name?“, “hello, hello, HELLO, HELLO“, “massage?“, “boat?“, “cheaper” (hier synoniem voor cheater), of bijzonder bijdehand “do you remember me from yesterday?” en je moet uitkijken dat je niet ongevraagd een rode stip op je voorhoofd krijgt, met maar één doel: roepies.

Het is een genoegen om langs de vele gaths te slenteren waar mensen zich wassen in het voor hen heilige water en waar massaal lijken worden verbrand. ‘s Avonds drijven er schaaltjes met bloemen en vuurtjes in het water. Het is leuk om je net als velen met een roeibootje een stukje over de rivier te laten brengen. Ik moest erg lachen om een roeibootje met een meisje dat allerlei waren te koop had. Ook op het water ontkom je dus niet aan de verkopers.

We bezochten wat bekend staat als de oude stad, waar vele kleine steegjes je snel laten verdwalen als je geen GPS hebt. We kwamen langs de gouden tempel, waar lange rijen mensen stonden te wachten. Als niet-Hindoe mag je er, zoals zo vaak, niet in. Hier was veel militaire bewaking, wat we nog niet eerder zagen.

Het klimaat in Varanasi is nu heel aangenaam. Het is prettig om gewoon een poosje op het hoge dakterras van het hotel te zitten en van het uitzicht op de Ganges te genieten. Het eten van het hotel was prima en de menukaart uitgebreider dan wat je op straat kon krijgen. Het wordt door een aardige kok vers bereid. Er is een vogelkooitje met drie parkietjes die vrolijk kwetteren.

Hoewel we dat niet gepland hebben, is het nu de bedoeling dat we na een paar tussenstops de Taj Mahal gaan bezoeken. We kunnen altijd met een nachttrein weer relatief snel terug naar Kolkata.

Feb 012013
 

Het boeken van een treinkaartje op internet mislukte helaas weer, ditmaal waarschijnlijk door Verified by Visa. Bij het loket voor treinreserveringen naast de toeristeninformatie (gesloten) was het weer een flink gedrang, maar het is gelukt om een kaartje naar Sasaram te boeken. Ditmaal in de sleeper class (SL) ‘s ochtends vroeg om 6:33.

We bezochten nog het enorme Boeddha-beeld (21 meter) aan het einde van Tempel Road in Bodh Gaya. Het beeld werd door de Dalai Lama in 1989 onthuld en ligt in een klein parkje, waar veel eekhoorntjes vrolijk rondhuppelden. Verder bezochten we nog de mooie Tibetaanse tempel een stukje terug aan Tempel Road. Er zijn nog veel meer tempels van diverse landen, maar we waren een beetje tempel-moe. Bij de meeste tempels zijn veel bedelaars, vaak oudere of gehandicapte mensen.

Ja, we kochten eindelijk een mooie Tibetaanse klankschaal! Hij klinkt prachtig! Het was moeilijk om er één uit te kiezen. De verkoper was een leuk, aardig mannetje en het afdingen was een waar genoegen. Morgen gaat hij terug naar Tibet, want de festiviteiten zijn afgelopen (december/januari).

We liepen nog een keer over het pelgrimspad om van de drie mooiste bomen te genieten. De vele zelfbenoemde gidsen en bedelaars negeerden we maar. We gingen naar het oude gebouw achter de winkeltjes naast het pelgrimspad, waar we ‘s avonds al eens waren. Het bleek een oude Vishnu-tempel te zijn, met een nieuwe ernaast, met diverse delen nog in aanbouw. Er waren veel mensen, die chaotisch allerlei rituelen verrichtten. We waren heel welkom en kregen een rondleiding van een wat ouder, vrolijk mannetje, dat nodig naar de tandarts moet. We kregen alle heilige plaatsen te zien en mochten zelfs de oude tempel in. Overal lagen bloemen en bloemblaadjes, waar we met onze blote voeten overheen liepen. De muren van de oude tempel zitten vol met scheuren en we moesten over een gammele loopbrug van de nieuwe naar de oude tempel lopen. We kregen ook eten aangeboden. We hadden al gegeten, anders hadden we zo tussen de vele mensen op de grond kunnen gaan zitten. Ze aten eeenvoudige chapati’s en rijst op bananenbladeren met een beetje dal en groenten. Veel mensen dronken water bij een waterpomp die door een jongeman ferm werd bediend. Het water was waarschijnlijk heilig. We werden voorgesteld aan een aantal priesters en werden met een kort gebed gezegend. Ook de klankschaal werd gezegend. We kregen een simpel armbandje van een tweekleurig, rood en geel, touwtje. Voortdurend werd er door de mensen lelijk en hard gezongen. Het was door de vele megafoons in de wijde omtrek te horen. We verlieten de tempel met een oranje stip op ons voorhoofd en Hanneke had ook een oranje streep op haar neus. Het was een mooi besluit van ons verblijf in Bodh Gaya!

Met een autorickshaw reisden we naar Gaya. De chauffeur werd aangehouden omdat hij gedronken had. We stapten over op een andere autorickshaw, die werd bestuurd door een jongeman die voorzichtig reed en weer eens meer probeerde te vragen dan afgesproken. De oplossing is altijd hetzelfde: het afgesproken bedrag geven en gewoon weglopen. We ervaarden Gaya in het daglicht als een veel prettigere plaats. Het lijkt erop dat hier nauwelijks toeristen komen. De mensen zijn heel vriendelijk en we worden niet meer steeds lastiggevallen. Gaya is uiteraard veel wereldser dan Bodh Gaya. We namen veel mooie foto’s en aten een heerlijke thali in een ‘hotel’ (restaurant).

We slapen in hotel Viraat in een voor Indiaase begrippen mooie, redelijk schone kamer. Er is zelfs een warme douche!

Bodh Gaya

 2013 Noord-India, Reizen  Comments Off
Jan 312013
 

Het was een vrij lange en ongemakkelijke reis met de trein van Ranchi naar Gaya (ca. 5,5 uur; 320 km). We reisden van de arme staat Jharkhand naar de nog armere staat Bihar. Helaas is hier ook enige criminaliteit, dus we moeten wat beter opletten (nog niets van gemerkt gelukkig).

Het kostte moeite om een plaats in de trein te reserveren, omdat dat op het station niet op tijd leek te kunnen (het loket was gesloten tot het moment waarop de trein zou vertrekken). Het is mij helaas niet gelukt om een reservering te kunnen betalen via de website van Indiase spoorwegen, zodat we dit via een boekingskantoortje moesten regelen. De stoelen waren vrij hard en ongemakkelijk en achter ons zat een verkouden Indiaas stel dat voortdurend luid boerde en luidruchtig geeuwde. De trein reed een stuk over een traject waar we al eerder langskwamen, ditmaal in de late middag met mooi licht.

We arriveerden midden op de avond volgens schema (dat is bijzonder) in Gaya, een grote, drukke stad. Met een autorickshaw gingen we naar het aanbevolen hotel Vishnu International, dat helaas vol of ‘vol’ was. We vonden een stukje verderop hotel Surya, waar we heel vriendelijk door drie mannen werden ontvangen. De achterin gelegen, rustige kamer was aangenaam en er was zelfs warm water. Warm water wordt meestal op aanvraag in een emmer geleverd, maar in dit hotel hadden we een eigen boilertje (maar geen warme douche).

De volgende ochtend reisden we, na een goed ontbijt in een ‘family’ restaurant dat gevuld was met een vieze rook, met een autorickshaw in ongeveer een half uur door naar het stadje Bodh Gaya. Hier vond Boeddha volgens overlevering ruim 2550 jaar geleden verlichting onder een Bodhi boom (ficus religiosa). De boom die nu naast de 54 meter hoge piramide (Mahabodhi tempel) staat, is volgens zeggen een afstammeling. Het verhaal achter de boom is even ongelofelijk als ongeloofwaardig. Een stek van de boom zou door prins Mahinda naar Sri Lanka gebracht zijn en een stek daarvan later weer terug. Ashoka heeft de oorspronkelijke boom vernietigd. De tempel staat sinds 2002 op de Werelderfgoedlijst. Oorspronkelijk was er alleen een nis, die in de tweede eeuw na Christus werd vervangen door de tempel, die in de loop van de tijd regelmatig gerestaureerd en uitgebreid is.

Richting het meditatiepark is er een ‘tank’, een vierkant meer dat de belangrijkere tempels bijna altijd hebben. Middenin het meer staat een Boedda-beeld en bij het meer hangen veel Tibetaanse gebedsvlaggen in vijf kleuren (wit, geel, rood, groen en blauw). De vissen worden door de voorbijgangers gevoerd met gepofte rijst. Helaas belanden de plastic zakjes ook in een meer. Gelukkig ruimt een monnik in een soort kano de rommel op. Dichtbij staat een paal waar mensen muntjes van 1, 2 of 5 roepies proberen te gooien. Soms komen er meer muntjes naar beneden dan gegooid.

Overal lopen monniken rond, jong en oud, uit diverse landen, zoals Nepal en Tibet, makkelijk herkenbaar door de okergele of bordeauxrode mantels die ze dragen. Ook monniken gebruiken mobieltjes en hebben soms haast. Ze slapen op harde bedjes rond de tempel en murmelen devoot gebeden, soms begeleid door ‘trommels’ en ‘toeters’, soms hardop lezend in een langgerekt Tibetaans gebedsboek met losse bladen. Ook Hindoes komen hier in groten getale, omdat zij geloven dat Boeddha een incarnatie van Vishnu is.

De vele Boeddha-beelden op en rond de tempel zijn versierd met meestal gele of oranje bloemen en overal zie je voedseloffertjes, vaak in de vorm van rijst en water in kuiltjes van stenen, maar ook luxe mandjes met bijvoorbeeld fruit, vaak granaatappel.

Gisterenavond konden we nog voor sluitingstijd het park van de tempel in en zagen we duizenden boterlampjes in een soort kassen branden. De ramen waren beroet en warm. Een mysterieus gezicht.

We slapen in Shanti Guesthouse, waar we voor het eerst een heerlijk warme douche hebben. ‘s Ochtends vroeg worden we wakker van de monotone gebeden die uit de megafoons nabij de tempel komen.

De stroom valt hier net als in Gaya regelmatig uit. Overal staan generatoren om de lampen te laten branden (de niet essentiële dingen zoals airco’s en televisies staan op aparte groepen). Het stadje vult zich in de loop van de dag met de rook van de vele vuurtjes (helaas wordt er ook plastic verbrand), wat ‘s avonds een haast spookachtige sfeer geeft.

Ik zie de vrij primitieve reis naar deze oase van relatieve rust als een soort pelgrimstocht. We blijven hier een aantal dagen, alleen al voor het heerlijke en gevarieerde eten in Fujiya Green restaurant. Mijn voorkeur is de vegetarische thali, hier geserveerd met pickles (je moet aan de pittige, zure smaak wennen, maar het is wel lekker). In het restaurant zie je allerlei verschillende soorten mensen, waar we gewoon ongestoord tussen kunnen zitten. De gangbare groet is ‘Namasté‘. We moeten ook nog nadenken of we die mooie Tibetaanse klankschalen gaan kopen (1,5-2,5 kg en nog vier weken te gaan).

Tot nog toe hadden we vrijwel altijd 3G internet, wat prettig is om op de hoogte te blijven of voor de momenten dat je genoeg tempels hebt gezien. Wi-Fi is hier vrijwel nooit beschikbaar.

Morgen gaan we nog een aantal tempels bezoeken, in ieder geval de Tibetaanse tempel/klooster, waar helaas geen slaapplaatsen meer waren.

Jan 302013
 

Met een overstap in Bankura, reisden we met twee lokale, oude, bussen over vrij slechte wegen van Bishnupur naar Purulia (nog net West-Bengaal). De bussen gebruiken net als het andere verkeer de weg bijzonder efficiënt. Er wordt overwegend links gereden, maar net zo goed rechts als dat zo uitkomt. De mensen in de bus waren gelukkig behulpzaam met de overstap. Hier zijn geen toeristische attracties, alleen puur India.

We liepen rond door de vieze straten en over de stoffige markt bij het busstation, maar ondanks de vele kraampjes is er eigenlijk vrij weinig te koop. Fruit, groenten, drogisterij-artikelen, een winkeltje met SIM-kaartjes, hier en daar een apotheekje, dan heb je het wel gehad. De mensen kijken ons hier vaak na, maar we worden nauwelijks lastiggevallen. Een iets brutalere jongen, die wat Engels op school had geleerd, sprak ons nieuwsgierig aan. Vrijwel altijd willen ze weten waar je vandaan komt en hoe je heet.

We zagen een paar aapjes op een golfplaten dak. Omdat we stonden te kijken, kregen de aapjes een paar druiven van een verkoper die in de buurt stond. Er verzamelden zich wat mensen die nieuwsgierig waren, waarnaar wij stonden te kijken.

We sliepen in een ruime en schone kamer van hotel Akash, dat blijkbaar iedereen in het stadje kent. We aten een keer in het fatsoenlijke restaurant van het hotel, waar de obers net niet voor je buigen. Later vonden we een ander, wat gezelliger ‘hotel’ (restaurant) een stukje verderop. Na de maaltijd komt de handgeschreven rekening met meestal een metalen bakje met groene anijszaadjes en kandijsuiker. Je kunt er moeilijk van afblijven.

De volgende dag wilden we doorreizen naar Ranchi (de hoofdstad van Jharkhand), maar er waren geen bussen vanwege een wegblokkade. Met een fietsrickshaw lieten we ons daarom naar het treinstation brengen. Een gebrekkig Engels sprekende, wat oudere man, een directeur, hielp ons daarmee. Hij wilde weten wat we van India vonden en was bezorgd over de armoede die we zagen. De werkelijkheid is dat de armoede hier heel groot is. De vele mensen proberen op allerlei manieren rond te komen, maar de realiteit is dat er weinig is. De mensen zijn vrij schoon op zichzelf, we zien ze regelmatig zichzelf met veel zeep wassen bij een waterpomp. Ze dragen vaak oude kleren met gaten en vlekken. Vooral sommige vrouwen, waarschijnlijk van een lagere klasse, zijn vaak broodmager.

We kochten een gewoon kaartje voor een ongereserveerde plaats in de trein, omdat we geen keus hadden (200 km voor 50 roepies, ofwel ca. 70 cent samen). We liepen nog wat rond in de buurt van het station en aten bij een stalletje een eenvoudige maaltijd (rijst en een kerrie op basis van kool; 40 roepies, ofwel ca. 50 cent samen). Een loslopende geit kreeg de overgebleven rijst, die je altijd in overvloedige hoeveelheden krijgt.

Op het station bedelde een klein, vuil meisje door steeds tegen mijn been, haar hart en haar hoofd te tikken. Haar broertje (?) stond een klein stukje verderop te wachten. Hoewel het hartverscheurend is om te zien, heb ik niets gegeven. Het is naar mijn idee beter om geld te geven aan volwassen vrouwen met een gezinnetje.

De trein bewoog zich traag voort door het landschap, afwisselend langs nu kale rijstvelden, bossen en stadjes, en stopte vaak en soms lang. In de trein liepen verkopertjes rond met thee, chips, biscuits, pruimtabak, fruit en dergelijke. Kleine jongetjes of blinde mensen komen regelmatig bedelen. Je hoeft je niet echt te vervelen in de trein, er gebeurt genoeg.

We kwamen in het donker in Ranchi aan. Er zijn meer dan genoeg hotels en lodges bij het station, maar toch hadden we moeite met het vinden van een geschikte slaapplaats. Hier is namelijk ook recent een wet van kracht geworden, die de meeste hotels verbiedt om buitenlanders te laten overnachten. Uiteindelijk vonden we hotel Jasmine aan het einde van een doodlopende straat, waar bijna elk hotel ‘vol’ was. Ik moest wel flink onderhandelen over de prijs, want er werd ongeveer het viervoudige van het gebruikelijke gevraagd. Uiteindelijk kwamen we op wat minder dan de helft uit. Teveel voor de kwaliteit van het niet al te schone hotel, maar waarschijnlijk moest er iemand omgekocht worden. Voor ons is het nog steeds heel goedkoop: 700 roepies, ofwel ca. 10 euro. De meeste hotels in deze straat zijn hier van moslims.

Jan 272013
 

We reisden vroeg in de gewone tweede klasse (2S) van een sfeervolle trein in ruim drie uur van Kolkata naar Bishnupur (ca. 200 km). Aan het plafond van de trein hingen tientallen ventilatoren voor de hetere dagen in het jaar. Nu was het fris door de tocht door de kieren van de ramen en de openstaande deuren. De mensen zijn steeds nieuwsgierig, maar het duurt altijd even voor ze contact maken. Ze zijn onveranderlijk vriendelijk en behulpzaam.

In Bishnupur bracht een fietsrickshaw ons naar College Road, waar de meeste hotels zich bevinden. Het aanbevolen Tourist Lodge, een staatshotel, was vol, dus sliepen we in een prettig hotel een stukje verderop. Hotel is in India een verwarrend begrip, want de wat betere restaurants noemen zich soms ook hotel. Dus ik gebruik maar het wat duidelijkere woord ‘lodge’.

Een groot deel van de middag toerden we met een fietsrickshaw langs de belangrijkste terracotta tempels. De tempels zijn of van bakstenen of van lateriet. De meeste liggen binnen een fort, waarvan vrijwel niets over is. De vele, prachtige afbeeldingen van mens- en dierfiguren en -taferelen zijn van terracotta. De tempels waren onderdeel van het Malla koninkrijk, dat in 1805 eindigde door de verkoop van het gebied door de East India Company aan de Maharajah van Burdwan. We zagen o.a. de tempel van Rasmancha (1600), Madan Mohan (1694), Laji (1658; lateriet), Radhashyam (1758), Jor Bangla (1655), Shyam Rai (1643), Radhayohinda (1729) en Nandatal. De rode tempels werden door het licht aan het einde van de dag nog mooier!

Je voelt je bijna beschaamd dat een vrij klein en mager mannetje hard moet trappen om je in zijn fietsrickshaw te kunnen vervoeren. Gelukkig hadden we ondanks de taalbarrière een goed contact. Ik heb zelf ook even gefietst en het is goed te doen. Veel mensen onderweg lachten, zwaaiden of groetten.

We aten lekker in Tourist Lodge. De bediening is hier vrijwel altijd voorbeeldig. De rekening krijg je met venkel- of anijszaad en kandijsuiker. We gingen vroeg slapen, om weer op tijd op te kunnen staan.

Kolkata (2)

 2013 Noord-India, Reizen  Comments Off
Jan 262013
 

Op tijd opstaan is door het tijdsverschil van 4,5 uur nog moeilijk, maar het begint al te wennen.

Met de metro gingen we van Park Street naar Girish Park, vijf stations verderop. we liepen door drukke straten naar Rabindra Sarani, een nog drukkere straat. We bezochten het rustige Rabindra Bharati University Museum, de voormalige woonplaats van Rabindranath Tagore (1861-1941), die in 1913 de Nobelprijs voor de literatuur kreeg. Mij viel onder andere deze tekst op:

universities should never be made into mechanical organisations for collecting and distributing knowledge.
(universiteiten zouden nooit tot mechanische organisaties voor het verzamelen en verdelen van kennis gemaakt mogen worden)

Later liepen we heen en weer over de 450 meter lange Haora (Howrah) Bridge 80 meter boven de Hugli rivier die door/langs Kolkata stroomt. Wat aantallen voetgangers betreft, is het de drukste brug ter wereld. Elke dag steken 100.000 mensen (ongeveer heel Dordrecht) deze brug over, vaak met onmogelijk grote pakketten op hun hoofd. Aan de westzijde is er een grote bloemenmarkt onder de brug. Duizenden gele en oranje afrikaantjes worden aaneengeregen tot bossen kleurijke bloemenslierten. Het is een mooie plaats om foto’s te nemen, maar waar is dat hier niet?

Kolkata is een interessante stad waar ontzettend veel te zien en te beleven is. Zelfs ‘gewoon’ een thee op straat drinken, is bijzonder. Je kunt hier weken doorbrengen, zonder je een moment te vervelen. Je kunt de stad rustig hectisch of chaotisch noemen en dat is afhankelijk van je perspectief een understatement. Als je zelf geen rust hebt, kun je hier beter niet heen gaan. Stichting Wakker Dier heeft hier nog veel te doen, bijvoorbeeld aan de dertig levende kippen die ondersteboven links en rechts aan een fietsstuur hingen.

De volgende, derde dag, probeerden we een bus te vinden naar Bishnupur. De plaats van de bus was steeds aan de andere kant van de ongeorganiseerde terminal ‘Esplenade’. Het is lastig om iets te vragen, niet alleen vanwege de taal (er wordt hier vooral Bengali en Hindi gesproken), maar ook omdat ‘nee’ niet wordt gezegd. We kwamen na een poosje tot de conclusie dat de bus niet meer ging. Met de metro en via de brug gingen we naar Howrah treinstation, waar we een trein voor de volgende dag naar Bishnupur (Aranyak express; 200 km; ruim drie uur) boekten. Hiervoor moet je geduld hebben want de rijen zijn lang vanwege het vrij bureaucratische proces (van te voren een formulier invullen). We moesten vertrekken vanaf Shalimar treinstation een stuk verderop. We gingen er met een taxi heen, een oude, gele Ambassador, zoals bijna alle taxi’s. We hebben geprobeerd een slaapplek in de  buurt van het station te vinden, maar alles was ‘vol’. We werden terugverwezen naar Howrah, waar ook alles ‘vol’ was. Op een gegeven moment legde een jongen uit dat er een recent een politieverordening uitgevaardigd is, die het overnachten van buitenlanders alleen toestaat rond de nieuwe markt. Jammer dat we dat niet wisten, want dat had een hoop tijd gescheeld. Aan de andere kant hadden we dan niet de sloppenwijken bij het treinstation gezien met om de zoveel huizen ‘condemned’ (veroordeeld) op de muur en de buffels die een stukje voor het station op een eilandje in een klein meertje losliepen. Op een gegeven moment stopte er een kleine truck naast mij met drie mannen op de bank. Ik groette ze beleefd en ze reden verlegen, maar met een glimlach op hun gezicht weer verder. Het verkeer rijdt hier aan de linkerkant. Het is best wennen dat je voor het oversteken naar de andere kant moet kijken.

We sliepen de vierde nacht in Hotel Classic, niet ver van een moskee vandaan. We werden heel vriendelijk ontvangen. Het inchecken is een bureaucratisch proces, want alles moet opgeschreven worden en we moeten online bij de politie aangemeld worden.

In het algemeen zijn de mensen in Kolkata vriendelijk, maar wat terughoudend, hoewel er ook een kleinere wat agressievere groep mensen is, vooral de taxi- en rickshaw-chauffeurs, die op een onaardige manier teveel aan ons proberen te verdienen.

We probeerden Misthi Doi (gezoete yoghurt in een klein keramiek bakje) en Chatni (gezoete moes van rozenbottel met cashewnoten). Allemaal lekker!

Kolkata

 2013 Noord-India, Reizen  Comments Off
Jan 232013
 

Kolkata (Calcutta) heeft het enorme aantal van ca. 14  miljoen inwoners, maar toch is de drukte in het centrum voor ons draaglijk. Als je goed kijkt, zie je een indringende armoede. Bijvoorbeeld een gezinnetje dat onder een stuk plastic in een hoek op straat leeft of een rickshaw die door een oud mannetje op blote voeten wordt getrokken. Aan de andere kant lopen er ook goed geklede mensen met een mobieltje aan hun oor, hoewel dit een minderheid is.

Fotograferen is moeilijk, want ik weet niet waar ik moet beginnen. Een paar halfblote mannen bij een ouderwetse pomp die zich aan het wassen zijn, een aantal witte koeien die de allerlaatste restjes in een hoop vuilnis zoeken, een man die zich op straat laat scheren, een ongelofelijke wirwar van draden boven de straat, de miniatuur aardewerken wegwerpbekertjes voor de dampende thee of koffie die door twee magere jongetjes in een stalletje worden verkocht, het vervallen gebouw of de krakende houten trap van hotel Pioneer waar we slapen, de stokoude, knarsende tram met een dikke gele verflaag en houten raamkozijntjes, de felbeschilderde bus waar de kentekenplaat onder de open radiator de doorgeroeste bumper bijeenhoudt, twee rijen vrouwelijke bewakers na de poort van de metaaldetector van een wat beter warenhuis, de kokende, geel gekleurde dal (gerecht op basis van linzen) in een grote, platte, metalen schaal boven een vuur met rondom hele rode tomaatjes, afgewisseld met halve gele citroentjes en ga zo maar door.

Op straat rijden veel gele taxi’s en (auto)rickshaws die erg veel toeteren of bellen. Soms galmt het van twee kanten in je oren.

Op het vliegveld ruik je al de rook van de vele houtvuren in de stad. Het vliegveld is slechts ca. 15 kilometer van de stad, toch kost het vanwege de non-stop verkeersopstoppingen een uur om daar (weg) te komen. Op straat ruik je soms de aangename geur van bijvoorbeeld kerrie, maar soms ook vieze, zurige geuren van afval. Hier en daar ligt een dode rat.

India heeft een geheel eigen identiteit, die zich moeilijk laat beschrijven of vergelijken. Het is een land dat mij juist hierdoor erg bevalt. Kolkata is anders dan wat ik mij van onze reis van vier jaar geleden door het zuiden van India herinner.

Het eten is, net als de meeste andere dingen, extreem goedkoop en heel lekker. Als ontbijt kun je bijvoorbeeld paratha (kleine pannekoekjes) met dal eten, met heerlijke thee met melk en kruiden. Tussen de middag zijn er verschillende soorten dal en gekruide groenten, zoals stronkjes bloemkool, met lekkere witte rijst. Voor de niet-vegetariër is er bijvoorbeeld kip of vis.

Het weer is hier nu aangenaam, ‘s nachts 15 graden, overdag ruim 25 graden. Heel anders dan de kou en sneeuw die we achterlieten en die voor overvolle, vertraagde treinen op weg naar Schiphol zorgden. We vlogen met Emirates naar Dubai en daarna door naar Kolkata. De luxe van Emirates zullen we vast nog meer waarderen als we over ruim vijf weken weer terugvliegen naar Nederland.

Jan 182013
 

Nog net voor onze volgende reis een selectie uit de West-Turkije foto’s :-)

Foto’s

Onze reisroute